Traditionele
aquariumplanten voeding, een goede basis voor de meeste situaties
Door: Arjan de Winter, december 2003
In het eerste deel van deze artikelen reeks is reeds geschreven over de verschillende voedingsstoffen die nodig zijn voor een gezonde groei van aquariumplanten. In dit tweede deel zal de nadruk liggen op de traditionele manier van aquariumplanten bemesten. Eén van de belangrijkste uitgangspunten van traditionele aquariumplanten voedingen is dat er enkel gebruik gemaakt wordt van voedingsstoffen waarvan regelmatig een tekort kan voorkomen in de meeste aquarium. De nadruk ligt hier dan ook vooral op het gebruik van sporenelementen en het vermijden van organische componenten als nitraten en fosfaten. Een dergelijke samengestelde aquariumplanten voeding zal voor de absolute meerderheid van de aquariums een goede basis zijn.
De
traditionele manier van aquariumplanten bemesten
Voedingsbodem:
De meeste commerciële voedingsbodems bestaan voor een groot deel uit spoorelementen met als hoofdbestanddeel ijzer in combinatie met een geringe hoeveelheid organische voedingsstoffen. Vooral zogenaamde lateriet voedingsbodems (Dupla Root, Dupla Rit) bevatten maar zeer weinig organische voedingsstoffen. Wanneer er op de verpakking van een voedingsbodem onder andere vermelding wordt gemaakt van humusstoffen (bijvoorbeeld Tetra Plant InitialSticks) kan er vanuit gegaan worden dat deze voedingsbodem ook een redelijk deel organische voedingsstoffen bevat. De meeste commercieel verkrijgbare producten zijn enkel een toevoeging voor de eigenlijke bodem van het aquarium en moeten gemengd en afgedekt worden met aquariumgrind of zand. Persoonlijk geef ik hierbij altijd de voorkeur aan fijn aquariumgrind met een diameter van 1-3 mm, waardoor een goede doorluchting van de bodemgrond gewaarborgd is.
Naast de commercieel verkrijgbare producten is het ook mogelijk om naar eigen inzicht een voedingsbodem samen te stellen. Een bekend voorbeeld hiervan is een voedingsbodem van turf (organisch) in combinatie met klei bolletjes (spoorelementen) gemengd met fijn grind of aquariumzand dat afgedekt wordt met fijn grind. Een ander voorbeeld is het gebruik van tuinaarde dat afgedekt wordt met fijn grind. Het gebruik van tuinaarde zou ik persoonlijk echter afraden doordat hiermee vaak het risico bestaat dat het veel kalk bevat en hierdoor de waterhardheid in het aquarium verhoogt. Tevens blijkt in de praktijk vaak dat een voedingsbodem van tuinaarde vaak niet lang meegaat en dat de planten na een aanvankelijk goede groei sterk achteruit gaan.
De
mate waarin organische voedingstoffen deel uit moeten maken van een
voedingsbodem is lastig aan te geven en zal ook per aquarium verschillen. In
dicht bevolkte aquariums zal een organisch deel van de bodem veel minder van
belang zijn dan in een dun bevolkt aquarium met weinig vissen en dus ook weinig
organische afvalstoffen. Zeker bij de start van een aquarium is een klein deel
organische voedingsstoffen naar mijn idee zeker aan te raden, aangezien dit ook
een positief effect heeft op de zuurgraad van de bodem. Wanneer men echter gebruikt maakt van een
bodemverwarming of bodemfilter is het aan te raden om het organische aandeel in
de bodem te beperken tot een klein deel aangezien deze stoffen dan gemakkelijk naar het
aquariumwater kunnen 'lekken'. Hieronder zijn in het kort nog een aantal voor-
en nadelen van organische voedingsstoffen in de bodem weergegeven.
| Voordelen van organische voedingsstoffen in de bodem | Nadelen van organische voedingsstoffen in de bodem |
|
|
Voedingstabletten:
Spoorelementen
bemesting:
Totaalbemesting:
Het
gebruik van traditionele aquariumplanten voeding in het aquarium
Zoals hierboven al beschreven is over de voedingsbodem lopen de meningen over het type voedingsbodem erg uiteen. Over het algemeen kan er wel vanuit gegaan worden dat de voedingsbodems zoals te koop in aquariumwinkels over het algemeen goed voldoen. Wanneer u van plan bent een aquarium op te zetten met een beperkt aantal vissen is het zeker aan te raden om voor een voedingsbodem te kiezen die ook een redelijk organisch aandeel heeft. In een wat dichter bevolkt aquarium zal een voedingsbodem met vooral anorganische voedingsstoffen (zoals ijzer en andere spoorelementen) goed voldoen. Een moeilijker gebied is het aquarium met een bodemverwarming. Met een bodemverwarming zal er een lichte doorstroming van de bodem ontstaan waardoor stoffen uit het water gemakkelijker in de bodem terecht komen, maar ook zullen stoffen uit de bodem makkelijker naar het water 'lekken'. Wanneer er voldoende vissen in het aquarium zitten zullen de organische afvalstoffen uit het water ook in de bodem terecht komen waardoor een organisch aandeel in de voedingsbodem voor een aquarium met bodemverwarming minder van belang is. Wanneer er echter weinig vissen in het aquarium zitten kunnen de hoeveelheden organische voedingsstoffen in het water tekort zijn om de planten volledig te voorzien. Persoonlijk zou ik bij het gebruik van een bodemverwarming kiezen voor een voedingsbodem met hooguit een klein organisch aandeel, tenzij ervaringen uit het verleden het tegendeel aangetoond hebben. Eventueel is het altijd nog mogelijk om de bodem in een later stadium stapsgewijs te voorzien van organische componenten, wanneer dit nodig blijkt te zijn.
Wanneer een aquarium eenmaal ingericht is is het van belang om er zorg voor te dragen dat de planten van voldoende voedingstoffen voorzien blijven. Naar mijn eigen ervaring kan ook een goede voedingsbodem hier vaak niet geheel in voorzien, hoewel dit ook sterk van de inrichting van het aquarium af zal hangen. Het gebruik van een spoorelementen of totaalbemesting is naar mijn mening weinig afhankelijk van de hoeveelheid vissen in het aquarium, aangezien de vissen vooral voor organische voedingsstoffen zorgen en de aquariumplanten voedingen vooral in anorganische voedingsstoffen. Het gebruik van een aquariumplanten voeding zal vooral afhankelijk zijn van de hoeveelheid planten in het aquarium en de gebruikte verlichting. Hoe groter de hoeveelheid planten in het aquarium des te groter is de kans dat een regelmatige toevoeging van voedingsstoffen vereist is. Ook een toename van de verlichtingssterkte zal een toename van het gebruik van voedingsstoffen veroorzaken, aangezien de hoeveelheid licht de belangrijkste factor is waarmee de groeisnelheid van de planten beïnvloed wordt.
In een dun beplant aquarium met weinig verlichting kan een regelmatige gedeeltelijke waterverwisseling al voldoende zijn om de planten van de vereiste voedingsstoffen te voorzien. Wanneer men echter een redelijke hoeveelheid planten in het aquarium wil houden is er vaak een bijbemesting nodig met een sporenelementen of totaal bemesting. De behoefte hieraan is feitelijk op twee manieren te controleren. Persoonlijk geef ik er in mijn aquariums de voorkeur aan een constante waarde van het ijzergehalte na te streven, aangezien de voedingsstoffen in dit soort producten redelijk in verhouding staan tot het ijzergehalte. Met een ijzertest probeer ik een ijzergehalte van 0,05 tot 0,1 mg/l na te streven. Een andere methode om de dosering van een aquariumplanten voeding te doseren is door te kijken of de aquariumplanten tekorten vertonen. Vooral bij sommige snelgroeiende soorten aquariumplanten is bij een tekort aan sporenelementen te zien dat de groeitoppen bleek zijn wat een teken is dat er bijbemesting of verhoging van de dosering aquariumplanten voeding nodig is. In een relatief zwak verlicht testaquarium maak ik ook gebruik van deze methode waarbij vooral aan de plant Limnophila aquatica snel kan zien wanneer er een ijzertekort is. Toch gaat mijn persoonlijke voorkeur uit naar de eerste methode waarbij het ijzergehalte geregeld wordt door meting van het ijzergehalte van het water.
Over het algemeen zijn meeste aquariumplanten voedingen relatief veilig te gebruiken, zolang ze maar met mate gebruikt worden. Een overmatig gebruik van dit soort producten wordt nog wel eens in verband gebracht met het voorkomen van baardalgen. Bij aanvang van het gebruik van dit soort producten is het vaak aan te raden om met slechts een kwart tot de helft van de aanbevolen dosering te beginnen en eerst hier het effect van af te wachten. Een tekort aan sporenelementen kan echter net zo goed algengroei veroorzaken als een overdosering. Zo heb ik in een aquarium van mij behoorlijk veel problemen gehad met draadalgen toen ik veel te weinig plantenvoeding gebruikte in dit aquarium. Nadat ik de hoeveelheid plantenvoeding vergroot had kregen de draadalgen het een stuk moeilijker in dit aquarium en zorgde deze algensoort voor veel minder overlast.
Met de in dit artikel beschreven informatie over de traditionele aquariumplanten voeding in combinatie met het eerste deel uit deze serie zal het voor de meeste aquariums goed mogelijk zijn om de juiste mate van bemesting van de aquariumplanten te vinden. In mijn eerste aquarium heb ik jarenlang een redelijk goede plantengroei gehad met een combinatie van een goede verlichting, CO2 bemesting en de regelmatige toevoeging van een traditionele aquariumplanten voeding. Echter om de puntjes op de i te zetten kan het beheersen van de gehaltes aan organische voedingsstoffen zoals nitraten en fosfaten echter net datgene te zijn om een aquarium met een redelijk goede plantengroei om te toveren in een aquarium met een goede plantengroei.
Vooral in aquarium met een matige visbezetting, dichte beplanting en goede verlichting is het ook goed mogelijk dat een tekort aan nitraten en/of fosfaten voor een desastreuze plantengroei zorgt, wat vaak in combinatie met een overmatige algengroei. Echter evengoed verhoogt een hoog gehalte aan fosfaten en nitraten het risico op algengroei juist weer, waardoor dit een lastig onderwerp is om te beheersen. In het derde deel van deze reeks zal dan ook uitgebreid aandacht besteed worden aan dit onderwerp onder de onderstaande titel:
Aquariumplanten bemesten - deel 3: Organische voedingsstoffen, een wankel evenwicht tussen succes en frustratie.
Dit laatste deel zal waarschijnlijk nog enige weken tot maanden op zich laten wachten. In de literatuur over het beplante aquarium is dit onderwerp nog een redelijk ondergeschoven kindje, waarbij er meestal een eenzijdig beeld geschetst wordt over het effect van deze stoffen op de algengroei in het aquarium. Ook voor mijzelf is dit nog een redelijk maagdelijk gebied en ben ik mij ondanks jarenlange ervaring met plantengroei in het aquarium pas enkele maanden geleden uitgebreid gaan verdiepen in dit onderwerp. Een slechte plantengroei in mijn huidige aquarium was hiervoor de rede en sindsdien ben ik met vallen en opstaan dit onderwerp in praktijk gaan brengen. De verschijningsdatum van dit laatste deel uit de reeks zal dan ook voor een groot deel afhangen van de resultaten met mijn huidige aquarium en de tijd die ik nodig (denk) te hebben om dit onderdeel van aquariumplanten voeding onder de knie te krijgen.